maandag 29 oktober 2012

Onze nieuw hobby

Onze nieuwe hobby is wandelen

Nou ja: mama wandelt en de prinsen liggen te tukken
Goed ingstopt onder Hanneke's mooie 'polar zakken' waar ze nog niet inpassen maar wel onder


We kunnen met die kar overal heen: door de weilanden, het bos, plassen, bladeren,......


Alleen de winkel hebben we nog niet geprobeerd
(heb ik eerlijk gezegd ook nog geen behoefte aan)

Wel denk ik erover om de firma E.W (makkelijke loper) te vragen hoe ze actieve reclame makers voor hun wandelwagens belonen: ik maak de blits namelijk!

Hier in Frankrijk kennen ze alleen maar duowagens waar de zitjes zich achter elkaar bevinden, in plaats van naast elkaar. Terwijl naast elkaar toch veel gezelliger is. En uiteraard laat ik iedereen even voelen hoe licht en makkelijk hij duwt en stuurt.




donderdag 25 oktober 2012

Ze zijn echt heel normaal

Florian: het maakt me niet uit hoe warm het is; ik wil mijn muts op, anders val ik niet in slaap!

Anthony: ik heb dorst! Waar is die fles??

Anthony past ècht geen maatje 50 meer....

dinsdag 23 oktober 2012

4 weken groot

Vandaag zijn ze exact 4 weken.
Nu wil ik niet zeggen dat ik motorisch extreem goed ontwikkelde kindjes heb; onderstaand is eerder wat typisch ongericht gezwaai van een 4-wekense, maar het lijkt al heel schattig spelen met de babygym niet?

video


Bij het consultatie bureau bleek vandaag dat ze erg goed gegroeid zijn. Dat is mooi natuurlijk, maar het baart me ook een beetje zorgen: ik ben bang dat ze uit de maatjes 50/56 zijn gegroeid voordat ze alle leuke kleertjes aan gehad hebben!

Het is echt bizar, hartverwarmend en zo mooi: van alle echte tantes, semi-tantes, oudtantes, zomertantes, halve tantes, achtertantes, soortvantantes en vriendinnen stroomden rompertjes, jasjes, broekjes, truitjes, sokjes en mutsjes binnen. Zo lief, zo leuk, ik ben er zo blij mee!
Maar ja, de jongens moeten nu niet te hard groeien he?!

Bij deze dus al heel erg bedankt voor al het moois. Mijn vaste voornemen was om van alles te onthouden van wie het kwam en dan een fotootje te mailen als 1 van de jongens het aan heeft. Dat onthouden is al niet gelukt, die fotootjes al helemaal niet, zelfs ben ik bang dat ik niet iedereen persoonlijk per mail heb bedankt........ waarvoor mijn excuses....!

maandag 22 oktober 2012

De eerste dagen als tweeling mama

En toen stond ik daar op de kangaroo afdeling; een afgesloten gang in het ziekenhuis waar prematuren en ander moeilijk opstartende babies liggen; varierend van couveuse kindjes en warmte lamp kindjes tot onze Anthony die daar blakend als Hollands welvaren in zijn wiegje lag. Florian had die eerste dag nog een sonde in en een sensor op zijn handje geplakt om de hartslag en het zuurstof gehalte in zijn bloed in de gaten te houden. Maar na 24 uur was hij daar ook van bevrijd. Dat waren dus mijn (onze!) kindjes? En nu dan?

In sneltreinvaart werd ik klaargestoomd om met de jongens naar huis te mogen: elke 3 uren voeden, badjes, andersoortig verzorging, schema's en elke dag andere verpleegkundigen en verloskundigen die allemaal hun eigen ideeen hadden en hun eigen meningen. Of ik me daar wel even aan wilde houden ja?!

In 5 dagen een heel nieuw beroep leren is ondoenlijk heb ik gemerkt. In 5 dagen van moe via vermoeider naar oververmoeid gaan is heel goed mogelijk: Maandag 1 oktober kon ik best kindjes in bad stoppen. Borstvoeden, aftoppen met flesvoeding en daarna nog kolven kon ik ook (elke 3 uur), mijn Frans werd daarentegen steeds slechter, mijn tolerantiegrens lager en de tranen zaten elke dag een stukje hoger.

Ik wilde maar 1 ding: naar huis, naar de papa van mijn kindjes en SAMEN zijn! Want dat kon niet met een boerderij op 1,5 uur afstand; waar ik me eenzaam voelde omdat ik alles alleen moest doen, was Guido ook een ssort van eenzaam omdat hij niet bij zijn kindjes kon zijn. Gelukkig had hij wel hulp van onze superstagiaire Elisah. Dankzij haar kon hij rustig 2x een middag weg om mij in het ziekenhuis te bezoeken.

Maar 1 oktober was het dus zover: ik mocht naar huis! Wat bijzonder om wéér het stuk ziekenhuis-boerderij te rijden. Hoe vaak hadden we dit traject al niet gereden met zijn tweetjes? De onderzoeken, de echo's; ritten vol vragen, ontroering, plannen, blijdschap, gekkigheid, stilte...... En nu met het 'eindresultaat': we rijden van het ziekenhuis naar de boerderij met twee maxi-cosi's op de achterbank, met daarin onze twee jongens.

De rest van ons leven kan beginnen!







vrijdag 19 oktober 2012

Wat gebeurt me nu?

We zouden 'effe' naar de gynaecologische controle en dan naar de ikeuja voor een commode. (Oké, ik zal eerlijk zijn: ik had ook nog een geheime lijst voor in die winkel; als we er dan toch waren konden we gelijk op zoek naar dit en naar dat en naar....).

Die gynaecologische controle had ik elke maand (en ook elke maand maar niet op dezelfde dag een echoscopie) en was eigenlijk gewoon vervelend: 1,5 uur in de auto naar het ziekenhuis, dan 30 minuten wachten omdat ze altijd uitliep, om vervolgens binnen 5 minuten weer buiten te staan:
- geen klachten?
- jawel; die buik doet zeer, mijn ribben doen zeer, mijn voeten en benen lijken van een olifant, ik ben MOE met hoofdletters, ik kan niets meer van de grond oprapen,.....
- geen klachten dus.
Gewicht, bloeddruk, inwendige controle en hup, daar sta je weer buiten om 1,5 uur terug te rijden.

Deze keer bijna hetzelfde:
- geen klachten?
- ik trek het niet meer, mag ik ingeleid worden met 38 weken?
- geen klachten dus
Gewicht, bloeddruk, inwendige controle en hup, daar werden we naar de eerste hulp geloodst: bloeddruk was te hoog, bloedanalyse bleek foute boel, evenals de urine-analyse. Geen ikeuja voor Maaike: ik mocht het ziekenhuis niet meer uit!

Na me 4 dagen intens verveeld te hebben omdat ik nergens lekker kon zitten of liggen en het allemaal wel heel vreemd vond: zo heb je nergens last van en zo lig je met pre-eclampsie in het ziekenhuis, kwam het verlossende woord: het gaat NU gebeuren.

Nu was dat verlossende woord al wel vaker gevallen:
- deze week ga je ingeleid worden
- we wachten je bloedwaardes af maar het is of vanmiddag een keizersnede of morgenvroeg
- nee hoor, het kan nog rustig drie weken duren
- vite vite, er is NU plek op de operatiezaal je gaat met een keizersnede bevallen.

Gelukkig kwam er een spoedgeval tussen dus Guido was op tijd in Dijon aangekomen (u herinnert het zich: 1,5 uur in de auto).

Terwijl ik op de opratiezaal klaar werd gemaakt voor de ruggeprik, kwam de anaestesist vertellen dat ik helemaal geen ruggeprik mocht; het moest een volledige narcose worden!
Ach ja joh, ik had toch al dagen het idee dat ik de regie over mijn leven kwijt was; mijn gedachtes bleven draaien om de zin 'wat gebeurt me nu?' dus dit kon er ook wel bij.

Kortom: na een zwangerschap van 36 weken en 4 dagen werd ik op dinsdag 25 september mama van de twee schattigste babies ter wereld, als had ik er nog weinig besef van. Het schijnt dat ik tegen half vijf uit de narcose was bijgekomen en dat Guido pas tegen negen uur terug naar de boerderij ging maar vraag mij niet wat we in die tussentijd hebben besproken. Ook de dag erna had ik geen moedergevoelens of hormonale buien; Maaike was compleet k.o. van de narcose en de morfine, was zelfs te groggy om zich 'wat gebeurt me nu?' af te vragen.

Maar donderdag werd ik met harde hand uit bed gesleurd en onder de douche geparkeerd: mijn leven als tweeling moeder was begonnen!



donderdag 18 oktober 2012

Hoe het begon......

Nou ja, hoe het begon? Het begon natuurlijk met eerst aan jezelf en later aan de ander durven toegeven dat je best wel heel erg graag kindjes zou willen krijgen. Daarna kwam er in ons geval een periode van onderzoeken en de drie beroemde M's: de Medische Malle Molen.
Maar voor mij begon het echt op 28 februari 2012 met de eerste echo. Hoge HCG-waardes? Het zal best. Misselijkheid en vermoeidheid? Prima. Maar als de eerste echo twee tuinbonen met kloppende hartjes laat zien, is 'het' echt begonnen!

Die bewuste 28 februari is mooi beschreven door vriend Jurriaan:
Pommetje-oeufje Wie denkt dat de winter appeltje-eitje is in de Morvan (pommetje-oeufje heet dat hier) heeft het mis. Er is altijd wat te doen en soms zelfs voornamer zaken dan ’s zomers.Zo moest uw herbergvader deze week toch zo maar babysitten op een boerderij met honderd hectaren grond?! Niet dat ik iets met die grond moest – er groeit goddank weinig deze dagen – maar het is toch een hele verantwoordelijkheid.Het kwam allemaal omdat de boer en zijn boerin een middagje naar Dijon moesten. Naar het hospitaal om beider zwangerschap te laten echoën. Wie is de burgemeester van Wezel? Ezel, ezel, ezel...Hoe dan ook, stagiair Yann was al bereid gevonden zich in te zetten voor de goede zaak (in casu de boerderij, niet de zwangerschap). Maar omdat Yann slechts vijftien lentes telt, moest er iemand met enig gezag bij. En omdat ik ereburger ben van Ferme Les Plaines (de naam van de boerderij in kwestie), zit het met dat gezag wel goed. Zo kreeg ik dus de verantwoordelijkheid over al die bunders land, die zich uitstrekken zo ver het oog reikt. Er ligt veel geel gras op, er vliegen vogels over en langs de randen staan troosteloze struiken – de winter is niet het vrolijkste seizoen hier.Maar dat is slechts materie: in en rond de stallen heerst de levende have en daar groeit dan ook de behoefte aan gezag. Neem de kippen. Een stuk of tien tel ik er, maar het exacte aantal – van belang om straks bij terugkomst van de boer en zijn boerin de zaak ongeschonden te kunnen overdragen - is moeilijk vast te stellen. Dat komt: ze lopen steeds door elkaar. En ze zijn allemaal wit. Er is een zielige haan bij, die ooit werd gegrepen door een vos maar gratie kreeg. ‘Die heeft zoveel meegemaakt in zijn leven dat-ie niet in de soep hoeft’, hoor ik de boer nog zeggen. Wat mij er niet geruster op maakt.In de eerste stal met koeien – 201 in getal – tref ik ook nog een zielige kip aan. Die is getraumatiseerd, zo luidt het verhaal, dat teruggaat naar datzelfde bezoek van de vos. Alle andere kippen werden daarbij doodgebeten. Wat op zich al geen lolletje is, om mee te maken als collega-kip. Gek genoeg bleven de hanen (behalve die ene dus) ongeschonden. Met als lange termijn gevolg dat die ene overlevende kip al die hanen over zich heen kreeg. En dat bedoelt de boer geloof ik niet figuurlijk… Pas toen er weer nieuwe kippen bijkwamen kreeg de zielige kip het wat rustiger. Oh ja, het scheelde ook dat alle hanen behalve die zielige in de soep gingen.Dan is er nog een hond, die ‘Hondje’ heet. En een heel stel duiven, die alles onder schijten. Inclusief Hondje.De grootste zorg evenwel, gaat hier uit naar de koeien. Zoals gezegd, 201 in getal, waarbij NUMMER 202 ZICH VANDAAG WEL ZAL AANDIENEN. Zo zei de boer het voordat-ie wegging – ik zal het nooit vergeten. De moeder-in-spe is koe no. 0035, die niet luistert naar de opmerkelijke naam Cassette.Enfin, ik krijg een reeks voortekenen mee die de nakende boreling aankondigen. Zoals een vliesachtig oog dat uit de achterkant van Cassette kan puilen (teken 1). Vervolgens moet je niet raar opkijken als er een paar hoefjes uit des koe’s achterste gaan hangen (teken 2). Dat mag niet te lang duren. Niet dat ze moeten terugtrekken, neen ze moeten juist verder naar buiten komen (teken 3). Gevolgd door het neusje van de zalm – pardon, het kalf (inderdaad, teken 4).Als er complicaties zijn, zal dit laatste voorteken achterwege blijven. Dan kan er iets omgedraaid in het geboortekanaal liggen, heb ik begrepen, maar wat precies is mij niet geworden. Omdat de boer het in het Frans uitlegt en mijn gynaecologisch inzicht toch vooral op de Nederlandse anatomie is gebaseerd.Het komt erop aan de kwestie ter plekke te bezien, opdat kennismaking met Cassette meer verduidelijkt. Het ongeluk is alleen dat no. 0035 niet zo een-twee-drie te herkennen is. Ik bedoel, er zijn tweehonderd beesten op de been en het is net als met die kippen: ze lopen door elkaar en ze zijn allemaal wit. Misschien had de boer het dier moeten merken met een touwtje om haar nek. Een cassettebandje, ja.Gelukkig is er één koe bij waar golven schuimend vocht uit spoelen, gelijk bier uit een open vat. Wat me geen dagelijks gebeuren lijkt, dus dat zal de kraamkoe wel wezen. Nu loop ik zelf ook door elkaar en zie ik wit. Hoelang zal het nog duren voor de boer en zijn boerin zijn uit-geëchood? Hondje blaft nu en dan in de stal, wat mijn gemoedsrust geen goed doet. Dieren voelen elkaar aan en als er iets mis gaat – zoals het geheel leeglopen van een koe – waarschuwen ze denkelijk. Of niet, wat nog nijpender is.Kijk, in het gunstigste geval komt er inderdaad een kalfje ter wereld zonder stuitligging, keizersnede of ander ongemak. Maar dan ben je er nog niet, want dan moet je het hok in om de navel, waar de streng hopelijk van afgebroken is, te ontsmetten. En dat geeft nog niks, ware het niet dat de onderhavige koe zich dank zij een overschot aan moedergevoelens graag als stier wil gedragen en een vreemdeling zeker, die verdwaald is zeker met kop en kont het hok uit bonjourt. Om het maar op z’n Frans te zeggen.Duurt een echo van bijvoorbeeld een zesling eigenlijk zes keer zo lang als die van een eenling?Om de ergste spanning weg te nemen, besluit ik een blok hout op het vuur beneden in de kelder te gooien. Niet dat daar een brand woedt – ik heb al genoeg aan het hoofd – doch er staat wel een kachel ten behoeve van de centrale verwarming. Ook voed ik het kippenspul, waarbij de zielige haan – toch al gauw een halve kuub ik omvang, volgens mij heeft niet hij maar die vós gratie gekregen – toch niet zo zielig oogt.Ondertussen fantaseer ik over de naam van het kalf in het geboortekanaal. Helaas mag die naam volgens het Franse koeienregister dit jaar niet met een J beginnen: volgens het boekje – het stamboekje, zogezegd – moet dat een H zijn. Van Hurriaan bijvoorbeeld.En dan word ik uit mijn dagdromerij gewekt door een stel koplampen dat het erf op draait. De vader van stagiair Yann, die zijn zoon komt halen. Of-ie misschien verloskunde heeft gestudeerd voordat-ie bij de vuilnisdienst van Saulieu ging werken, wil ik weten. Hij kijkt me aan, lacht en rijdt weg. Fransen herkennen gezag niet altijd als ze het zien.Moederziel alleen nu, met tien tot twaalf kippen, een stel shit duiven, Hondje en een halfzachte haan, neem ik afstand van die tweehonderd koeien. Ik moet mij concentreren op die ene koe met oormerk 0035, opdat we als het ware één worden. Samen denken aan die baby binnen. Samen zwoegen. Samen vechten tegen de pijn van de weeën. Samen puffen. En samen wachten tot de boer en zijn boerin terug zijn. Kan mij het schelen als dat kalf straks Henk heet.PS. Des avonds om 23.00 uur – de boer en zijn boerin waren inmiddels thuis – is de dierenarts gebeld, omdat kalf Hurriaan ‘cul premier’ lag, dus met zijn kont naar achteren toe. Het babystiertje is met de keizersnede ter wereld gebracht. Waarbij ik eraan herinner dat ook Caesar op die wijze naar buiten kwam. Over gezag gesproken.


Inderdaad; Jurriaan was de eerste die wist dat we in verwachting van een TWEELING waren!

Het bewijs van die dag: